De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) wil individuele signalen selectiever opvolgen. Dat is een van de veranderingen waarmee de toezichthouder haar wettelijke taken binnen de beschikbare capaciteit wil blijven uitvoeren. De inspectie verwacht dat haar budget afneemt.
Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Sophie Hermans beschrijft die koers in antwoorden aan René Claassen, Tweede Kamerlid voor Groep Markuszower. Hoe groot de uiteindelijke bezuiniging wordt en hoe de inspectie die opvangt, moet de IGJ nog verder uitwerken.
De financiële opgave komt volgens Hermans uit verschillende kortingen en taakstellingen vanaf 2022. Ook tijdelijk toegekende middelen lopen af. Het gaat dus om meerdere budgettaire ingrepen, niet om één afzonderlijke bezuiniging.
Meer selecteren op risico
De IGJ wil haar toezicht sterker richten op risico's en meer gebruikmaken van gegevens. Ook multidisciplinaire teams en specialistische kennis moeten helpen de beschikbare capaciteit gerichter in te zetten. Met zorgaanbieders die aantoonbaar professioneel sturen op kwaliteit en veiligheid wil de inspectie specifieke toezichtafspraken maken.
Voor mensen die een tekortkoming in de zorg signaleren, is vooral de selectie van individuele signalen van belang. De antwoorden beschrijven niet welke criteria daarbij gaan gelden of welke signalen anders worden behandeld. Ze laten evenmin zien dat een concrete melding door de bezuinigingen al is blijven liggen.
Hermans schrijft dat de inspectie onafhankelijk moet blijven en haar wettelijke taken effectief moet kunnen uitvoeren. VWS en de IGJ zijn met elkaar in gesprek. De beschikbare capaciteit, de taken en de prioriteiten moeten volgens haar met elkaar in balans blijven.
Geen substantiële extra kosten verwacht
Claassen vraagt ook naar de verhouding tussen de bezuinigingen en het wetsvoorstel Wet integere bedrijfsvoering zorg- en jeugdhulpaanbieders. Dat voorstel moet onder meer de kwaliteit van zorg als voorwaarde verbinden aan winstuitkering en aan het verkrijgen en behouden van een vergunning.
Het kabinet verwacht hiervan geen substantiële financiële gevolgen voor de IGJ, omdat toezicht op kwaliteit en veiligheid al tot haar taken behoort. Bij het vaststellen van de bezuinigingstaakstelling is daarom geen rekening gehouden met het wetsvoorstel. Die inschatting is het standpunt van het kabinet; zij biedt geen afzonderlijk inzicht in de gevolgen van de bezuinigingen voor individuele signalen.
Los van dit wetsvoorstel wil het kabinet een deel van de middelen uit het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord gebruiken voor sterker toezicht op zorgfraude. Hermans noemt in deze antwoorden geen bedrag.
De uitvoeringstoets van de IGJ bij het oorspronkelijke wetsvoorstel is in januari 2025 naar de Kamer gestuurd. De toets bij een wijziging van het voorstel wordt naar verwachting in het eerste kwartaal van 2027 naar de Kamer gestuurd, samen met die wijziging. In het kader van dit wetsvoorstel ziet het kabinet geen aanleiding om de Kamer apart te informeren over de capaciteitsgevolgen van de bezuinigingen voor de handhaafbaarheid ervan.



