Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport Sophie Hermans schrijft dat in antwoorden aan Ines Kostić, Kamerlid voor de Partij voor de Dieren. Het centrum helpt artsen en dierenartsen om mogelijke vergiftigingen te beoordelen en te behandelen.
Voor de dag en nacht beschikbare informatievoorziening is dit jaar ruim 5,02 miljoen euro toegekend. In 2027 wordt dat circa 4,98 miljoen en in 2029 ongeveer 4,80 miljoen. Het bedrag voor 2029 ligt 4,48 procent onder dat van 2026. Die daling betreft de 24-uursinformatievoorziening, niet het volledige budget van het centrum.
Voor de toegenomen vraag heeft het NVIC geen aanvullend budget gekregen, bevestigt Hermans. Het centrum heeft de groei volgens haar onder meer opgevangen door efficiënter te werken. De bezuiniging hangt samen met een bredere korting op het RIVM en zijn opdrachten, waarlangs de informatievoorziening wordt gefinancierd.
Dierenartsen kunnen langer wachten
Het NVIC ontving in 2025 in totaal 48.422 telefoontjes, ruim 9 procent meer dan een jaar eerder. In de eerste helft van 2026 steeg het aantal opnieuw met 10 procent ten opzichte van dezelfde periode in 2025, meldt het centrum. Ongeveer één op de vijf telefonische vragen gaat over een dier.
Sinds 12 augustus krijgen vragen over mensen bij telefonische drukte voorrang. Dierenartsen kunnen daardoor langer moeten wachten. Het NVIC vraagt hen waar mogelijk eerst de online informatie te raadplegen. Telefonisch overleg blijft beschikbaar bij complexe vergiftigingen of wanneer die informatie geen toereikend antwoord biedt.
Hermans erkent dat vertraging bij acute vergiftigingen gevolgen kan hebben voor een tijdige behandeling. Zij noemt het onwenselijk als dierenartsen niet tijdig over deskundige informatie kunnen beschikken. De antwoorden geven geen cijfers over gezondheidsschade door de langere wachttijden.
Overleg binnen hetzelfde budget
De informatie over dieren dient ook een publiek belang, erkent de minister. Mensen en huisdieren kunnen aan dezelfde schadelijke stoffen worden blootgesteld. Een vergiftiging bij een dier kan zo een waarschuwingssignaal zijn voor een risico dat ook mensen raakt.
Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur draagt momenteel niet bij aan de financiering van de 24-uursinformatievoorziening, staat in de bijgevoegde beslisnota. VWS voert gesprekken met dat ministerie, het RIVM en het NVIC over de dienstverlening aan artsen en dierenartsen. Die gesprekken blijven binnen de bestaande financiële kaders; extra geld wordt in de beantwoording niet toegezegd.



