In de vragen over de video veronderstellen Annelotte Lammers en René Claassen van Groep Markuszower dat de politie om verwijdering heeft gevraagd. Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap Rianne Letschert en minister van Justitie en Veiligheid David van Weel weerspreken dat. Volgens hen heeft de politie laten weten geen verzoek te hebben gedaan, omdat er geen sprake was van onrechtmatig handelen.

Dat betekent niet dat er helemaal geen contact is geweest. De bijbehorende beslisnota meldt dat BNNVARA in de zomer contact had met politiewoordvoerders. Volgens die nota had de omroep geen formeel verzoek ontvangen om het fragment te verwijderen.

Ook de vraag of de inhoud aanleiding gaf tot strafrechtelijk onderzoek beantwoorden de ministers ontkennend. In de beantwoording schrijven zij dat een strafbaar feit ontbreekt. Dat is het oordeel in dit dossier, geen algemene vrijstelling voor videoproducties waarin criminaliteit voorkomt.

Huurvoorwaarden staan los van de redactionele keuze

De politie kan volgens de ministers wel een civielrechtelijke toets laten uitvoeren als een producent de voorwaarden voor het huren van een uniform niet heeft nageleefd. De antwoorden stellen niet vast dat zo’n overtreding in deze productie heeft plaatsgevonden.

Die voorwaarden gaan onder meer over het beperken van het gebruik tot de opnamen en het veilig bewaren van uniformen. Bij opnamen in de openbare ruimte moet duidelijk zijn dat het om een productie gaat. De politie behoudt zich ook bij verwarring of reputatieschade een civielrechtelijke toets voor. Het gaat daarbij om de voorwaarden voor het gebruik van politiemiddelen, niet om een algemene inhoudelijke goedkeuring van het programma.

De ministers schrijven dat aanvragen vooraf worden getoetst en dat de producent voor het juiste gebruik verantwoordelijk is. De politie wil op korte termijn met verhuurbedrijven bespreken of de huidige voorwaarden moeten worden aangescherpt of aangepast. Een uitkomst of nieuwe regel melden de antwoorden nog niet.

Letschert weigert het gevraagde gesprek met de NPO en BNNVARA over de redactionele afwegingen rond de uitzending. Inhoudelijke keuzes van een omroep beoordelen past volgens haar niet bij de rol van een minister. Die grens aan politieke bemoeienis trok zij ook bij vragen over de woordkeus van de NOS.

De minister benadrukt tegelijkertijd dat artistieke vrijheid omroepen niet boven de wet plaatst. Zij blijven verantwoordelijk voor hun aanbod en voor de bescherming van minderjarigen. BNNVARA heeft haar laten weten sessies afzonderlijk te beoordelen en van publieksinformatie te voorzien, waaronder een Kijkwijzer-classificatie en een disclaimer. Bij twijfel kan de omroep een opname niet uitzenden.