Driekwart van de bevolking van Gaza is volgens hulporganisatie CARE afhankelijk van drinkwater dat met vrachtwagens wordt aangevoerd. Die noodvoorziening staat onder druk. CARE waarschuwde vrijdag dat geld en materiaal ontbreken om de waterdistributie op peil te houden. Vooral jonge kinderen lopen gevaar als gezinnen noodgedwongen onveilig water gebruiken.

Het VN-bureau voor humanitaire hulp OCHA beschreef de dreigende uitval al in zijn rapport over 22 oktober: elf hulporganisaties waarschuwden hun watertransport in de komende maanden te moeten stoppen door geldgebrek. Daardoor worden ongeveer 360 van de 3.500 distributiepunten bedreigd.

Nederland betaalde al voor herstel

Nederland heeft geld beschikbaar gesteld om de watervoorziening weer op te bouwen. In het actuele steunoverzicht van de regering staat €20 miljoen voor UNICEF, het kinderfonds van de VN.

Uit onderzoek van Het Bericht blijkt dat de €20 miljoen die de regering in haar huidige steunoverzicht noemt, al in 2025 aan UNICEF is overgemaakt. Het Bericht vergeleek het huidige steunoverzicht met de Kamerbrief van 15 januari 2026 over de besteding van het geld. UNICEF meldt zelf dat Nederlandse steun zijn waterprogramma in Gaza heeft versneld.

Dat herstel en het dagelijks aanvoeren van noodwater vragen om verschillende uitgaven. Een gerepareerde installatie heeft stroom, onderhoud en onderdelen nodig. Zolang het leidingwater tekortschiet, blijven gezinnen bovendien aangewezen op watertransporten die iedere dag opnieuw moeten worden betaald.

Olie en onderdelen ontbreken

In zijn nieuwste rapport, gepubliceerd op 6 november, beschrijft OCHA hoe Israël de invoer van motorolie, reserveonderdelen en onderhoudsmateriaal streng beperkt. Daardoor dreigen generatoren, voertuigen en essentiële voorzieningen uit te vallen. Pompen voor rioolwater en regenwater begeven het volgens het VN-bureau al, juist nu het regenseizoen nadert.

Ook het maken van drinkwater wordt belemmerd. De ontziltingsinstallatie bij Khan Younis, die zout water geschikt maakt voor gebruik, draaide volgens het oktoberrapport beneden haar capaciteit. Door Israëlische invoerbeperkingen ontbraken vervangende filters en reserveonderdelen. Er kan dus minder water worden gemaakt terwijl de levering per vrachtwagen financieel onder druk staat.

Israël laat wel materiaal voor water en riolering binnen. De Israëlische coördinatiedienst COGAT meldde op 6 november dat die week vier extra rioolzuigwagens via het Rode Kruis Gaza waren binnengekomen, na acht in de voorgaande maand. De dienst zegt ook reparaties aan water- en rioolleidingen te ondersteunen. OCHA constateert tegelijk dat de tekorten aan noodzakelijke olie en onderdelen de voorzieningen blijven bedreigen.

Voedselhulp betaalt niet vanzelf de watervoorziening

Minister van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking Sjoerd Sjoerdsma kondigde op 27 oktober €19 miljoen extra aan voor het Wereldvoedselprogramma. Daarmee komt de Nederlandse bijdrage aan die organisatie dit jaar op €76 miljoen. Het gaat om wereldwijd inzetbaar geld tegen honger, niet om een afzonderlijk toegezegd bedrag voor de bedreigde waterpunten in Gaza.

Meer geld en toegang voor hulpgoederen zijn allebei nodig om de voorzieningen overeind te houden. Het kabinet erkende eerder al dat de internationale druk op Israël te weinig effect heeft gehad. Voor gezinnen die dagelijks hun jerrycans moeten vullen, telt of de waterwagen komt en de pomp werkt.

Die toegang is ook een juridische verplichting. Het Internationaal Gerechtshof droeg Israël op 28 maart 2024 in een bindende voorlopige maatregel op om samen met de VN ongehinderde hulp op grote schaal te verzekeren. Water, elektriciteit en brandstof werden daarbij uitdrukkelijk genoemd.