In Nederlandse veengebieden krijgen natuurbeheerders het herstel niet voor elkaar zolang het water uit de omgeving wegzakt of vervuild binnenkomt. Maaien, sloten aanpassen en ongewenste planten weghalen helpen wel, maar nemen die oorzaken niet weg. Dat blijkt uit het op 29 oktober verschenen onderzoek van de Algemene Rekenkamer.

De onderzoekers bekeken veennatuur in 73 beschermde Natura 2000-gebieden. Zij toetsten 173 combinaties van natuurgebied en type veennatuur aan hun kwaliteitsdoel. Slechts 18 haalden dat doel. Het veen biedt zeldzame planten en dieren een leefgebied en houdt koolstof vast. Bij uitdroging komt CO₂ vrij. Voor blijvend herstel moeten ook buiten de natuurgrens keuzes worden gemaakt over water, landbouw en ruimte.

Meer water voor de natuur, een rekening voor de buren

In de Peelvenen beschrijft de Rekenkamer een financiële blokkade. Een hoger waterpeil kan nodig zijn om het veen te herstellen, maar ook schade veroorzaken voor grondgebruikers. Het waterschap moet dan over het peil beslissen en kan met schadeclaims te maken krijgen. Voor de compensatie heeft het volgens het onderzoek onvoldoende budget.

Dat laat zien waarom een herstelplan op papier nog geen hoger waterpeil oplevert. De provincie voert het natuurbeleid uit, het waterschap beheert het water en boeren of bewoners merken de gevolgen op hun land of in hun huis. De provincie kan wettelijk ingrijpen, maar heeft voor de uitvoering ook medewerking en voldoende geld nodig. Als niet duidelijk is wie aanpassingen en schade betaalt, blijft een noodzakelijke keuze liggen.

300 miljoen euro brengt ook nieuwe voorwaarden

Voor de Peel is inmiddels nieuw geld beschikbaar. In juni ondertekenden 22 overheden afspraken voor een aanpak van natuur, water en landbouw. Het Rijk stelde daarvoor 300 miljoen euro beschikbaar, verdeeld over Limburg en Noord-Brabant. Dat geld is ook bedoeld om boeren te helpen omschakelen, hun bedrijf te verplaatsen of vrijwillig te stoppen.

Uit onderzoek van Het Bericht blijkt dat de afspraken over samenwerking en het toezicht op dat geld verschillend zijn geregeld. De overeenkomst zegt dat overheden elkaar niet via de rechter aan deze afspraken kunnen houden. Bij problemen moeten zij elkaar in het bestuurlijk overleg aanspreken. Hun bestaande wettelijke taken en bevoegdheden blijven daarbij overeind.

Maar de rijksregeling van september verbindt wél verplichtingen aan het geld. Provincies moeten zich houden aan de samenwerkingsafspraken die met de uitkering samenhangen. Worden activiteiten niet uitgevoerd of voorwaarden niet nagekomen, dan kan de uitkering lager worden vastgesteld en geld worden teruggevorderd. Het Rijk heeft dus een financieel middel om bij te sturen.

Daarmee zijn de plaatselijke keuzes over het water nog niet genomen. De samenwerkingsovereenkomst bepaalt als uitgangspunt dat financiële tegenvallers binnen het beschikbare geld worden opgevangen. Bij problemen is opnieuw overleg nodig. De provincie of het waterschap krijgt door de overeenkomst geen nieuwe bevoegdheden om de ander tot een bepaald waterpeil te dwingen.

Ook de provincie waarschuwt voor vertraging

De Limburgse najaarsrapportage bevestigt hoe lastig de uitvoering blijft. De provincie meldt ook dat de uitvoering van de Peel-maatregelen is gestart. De provinciale aanpak steunt op vrijwillige medewerking. Juist doordat maatregelen vaak op grond van ondernemers buiten beschermde natuur moeten plaatsvinden, duurt het volgens de provincie langer voordat gereserveerd geld kan worden ingezet.

Voor boeren en omwonenden gaat het daarbij om concrete kosten en veranderingen in hun omgeving. Een hoger peil kan aanpassingen aan de bedrijfsvoering of bescherming van gebouwen vragen. Die gevolgen moeten worden geregeld om de natuur daadwerkelijk te herstellen. Anders blijven natuurbeheerders geld en werk steken in herstel waarvan de oorzaken elders voortduren.

Minister kiest voorlopig voor overleg

Landbouwminister Jaimi van Essen erkent in zijn reactie op het rapport dat de huidige aanpak onvoldoende is. Hij wil nieuwe afspraken met provincies maken en vindt overleg op dit moment effectiever dan het zware middel om van bovenaf in te grijpen. De Rekenkamer verlangt vooral concrete doelen en een minister die bijstuurt wanneer die niet worden gehaald.

Het kabinet werkt daarnaast aan zones rond kwetsbare natuurgebieden, waar ook water en landbouw anders moeten worden ingericht. De landelijke regels zijn nog in voorbereiding. De uitwerking moet bepalen wat er rond een gebied verandert, wie daarover beslist en welke hulp tegenover de gevolgen voor bedrijven staat.