Minister van Justitie en Veiligheid David van Weel wil voorkomen dat kwetsbare sekswerkers door een hogere leeftijdsgrens uit beeld raken en geen hulp of zorg meer vinden. Daarom bereidt het kabinet een afzonderlijk wetsvoorstel voor, schrijft hij in antwoorden aan PVV-Kamerlid Marjolein Faber.

Het kabinet spreekt hierover met gemeenten, politie, hulporganisaties en sekswerkers zelf. Het concept moet nog voor advies naar betrokken organisaties en vervolgens naar de Raad van State. Van Weel streeft ernaar de Kamer eind dit jaar meer te vertellen over de juridische vormgeving. Dat is geen toezegging dat de leeftijdsgrens dan al geldt.

Bescherming tegen uitbuiting is geen algemene leeftijdsgrens

Faber wilde de verhoging sneller regelen via de wet die een herziene Europese richtlijn tegen mensenhandel uitvoert. Samen met SGP-Kamerlid Diederik van Dijk stelde zij voor leeftijdsgrenzen in strafbepalingen over mensenhandel en daarmee samenhangende feiten stapsgewijs te verhogen.

Van Weel ontraadde het oorspronkelijke voorstel. Volgens hem verandert het de strafrechtelijke bescherming van jongeren, maar voert het op zichzelf geen algemene minimumleeftijd voor prostitutie in. De verhoging gaat bovendien verder dan de Europese richtlijn verlangt, schrijft hij.

De vragen dateren van 30 september. Daarna is het amendement nog gewijzigd. De Tweede Kamer verwierp de laatste versie op 6 oktober. De voorbereiding van het aparte wetsvoorstel gaat volgens Van Weels antwoorden wel door.

Intussen heeft de Eerste Kamer op 29 september een andere wet aangenomen die de strafbaarstelling van mensenhandel moderniseert. In de aangenomen tekst is extra bescherming opgenomen voor mensen onder de 21 jaar die in de prostitutie werken of andere seksuele handelingen verrichten. Die leeftijd krijgt een plaats bij het beoordelen van misbruik van een kwetsbare positie of overwicht. Het gaat om de bewijsvoering bij mensenhandel, niet om een algemeen verbod op sekswerk onder de 21.

De weg naar hulp

De afweging raakt dus meer dan de vraag waar een leeftijdsgrens moet liggen. Van Weel deelt de zorg dat jonge sekswerkers kwetsbaar zijn voor geweld en uitbuiting. Tegelijk noemt hij het risico dat een hogere grens juist de mensen die bescherming nodig hebben buiten het bereik van hulpverleners brengt.

Hoe dat risico in de nieuwe wet wordt ondervangen, staat nog niet uitgewerkt in de antwoorden. De aangekondigde gesprekken en adviezen moeten aan de juridische vormgeving voorafgaan.