Bewoners van de Asser wijk Pittelo klaagden bij RTV Drenthe over vernielingen, bedreiging en geweld door jongeren. De politie registreerde tussen 1 september 2025 en 1 september 2026 in de hele wijk 117 meldingen van jeugdoverlast. Minister van Justitie en Veiligheid David van Weel noemt dat aantal, maar laat in zijn antwoord niet zien hoeveel jongeren aan concrete incidenten zijn gekoppeld of hoe de overlast zich ontwikkelt.

Het probleem is volgens de minister juist dat die koppeling lastig blijft. Politie, gemeente en andere betrokken organisaties willen per jongere bepalen welke aanpak nodig is. Daarvoor moeten zij weten wie waarvoor verantwoordelijk is. Ze surveilleren op plekken met veel overlast en hebben in meerdere gevallen jongeren en ouders thuis bezocht.

Hetzelfde knelpunt stond in september al op papier

Uit onderzoek van Het Bericht blijkt dat het gemeentebestuur op 15 september al vrijwel hetzelfde probleem beschreef. Enkele namen waren bekend, schreef het college aan de gemeenteraad. De groep wisselde van samenstelling en jongeren werden vaak niet aangetroffen terwijl zij overlast veroorzaakten. Daardoor was hun betrokkenheid bij afzonderlijke meldingen moeilijk vast te stellen.

De gemeente beloofde toen ook cijfers over meldingen, aangiften en de inzet van politie en handhavers later te kunnen leveren. Het ministeriële antwoord geeft nu één wijktotaal over twaalf maanden. Een vergelijking met eerdere jaren, waar Annelotte Lammers en Shanna Schilder van Groep Markuszower om vroegen, ontbreekt. Het antwoord geeft evenmin een overzicht van de afhandeling.

De 117 meldingen zijn geen telling van 117 daders of strafzaken. Ook bevestigt dit cijfer niet de afzonderlijke klacht uit de reportage dat één gezin meer dan honderd meldingen deed. Het gaat om jeugdoverlast in de hele wijk over een afgebakend jaar.

Wel inzet, geen cijfers over het resultaat

De minister noemt huisbezoeken, surveillance en tweewekelijkse wijkrondes. De gemeente wees in september bovendien op gesprekken met bewoners en spreekuren in de wijk. Politie en gemeente weerspreken dat zij meldingen niet serieus nemen.

Voor gezinnen die zich thuis of op straat onveilig voelen, telt of die inzet de dreiging en overlast vermindert. De nieuwe antwoorden geven geen cijfers over zo'n vermindering. Dat maakt het moeilijk om te beoordelen of de gekozen aanpak voldoende bescherming oplevert, ook als er aantoonbaar wordt gewerkt.

Lokale aanpak, landelijke keuzes

Van Weel legt de aanpak bij burgemeester, politie en Openbaar Ministerie. Of extra gemeentelijke handhavers helpen, laat hij aan Assen. Een landelijke maatregel voor deze wijk kondigt hij niet aan.

Landelijke keuzes bepalen wel mede waar de politie tijd aan besteedt. De Algemene Rekenkamer concludeerde in juni dat prioriteiten van minister en Openbaar Ministerie met elkaar kunnen concurreren en dat basisteams ook ernstige misdrijven moeten onderzoeken waarvoor zij onvoldoende zijn toegerust. Dat onderzoek ging over opsporing, niet over de afzonderlijke meldingen in Pittelo. De minister zegt de bevindingen met de betrokken organisaties te bespreken. Hoe dat gesprek de aanpak in deze wijk verandert, werkt hij niet uit.