Voor het geplande onderhoud en de vernieuwing op de belangrijkste militaire routes wijst het kabinet één betaler aan: het Mobiliteitsfonds van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat. Daaruit worden ook de wegen en spoorlijnen voor het dagelijkse verkeer betaald. Over de kosten van aanvullende maatregelen overleggen Infrastructuur en Defensie nog.

Dat antwoorden ministers Dilan Yeşilgöz-Zegerius van Defensie en Vincent Karremans van Infrastructuur, samen met hun staatssecretarissen, aan Habtamu de Hoop en Wimar Bolhuis (beiden PRO). De Kamerleden willen weten wie betaalt voor het geschikt maken van de infrastructuur voor militaire transporten.

Gewoon herstel en extra militaire eisen

Een sterkere brug kan zowel vrachtwagens als militair materieel helpen. Het kabinet zegt daarom dat noodzakelijk onderhoud en specifiek militaire aanpassingen niet hard van elkaar zijn te scheiden. Herstel van verouderde infrastructuur dient ook reizigers en bedrijven.

Toch zijn er extra werkzaamheden die volgens de Algemene Rekenkamer alleen nodig zijn om aan militaire eisen te voldoen. Het instituut telde in zijn rapport van 13 oktober daarvoor grove ramingen van 3 miljard euro voor brugversterking en 2 miljard euro voor spoorverbreding bij elkaar op.

Die 5 miljard is geen definitieve rekening. Nader onderzoek moet bepalen welke aanpassingen nodig zijn; niet iedere brug hoeft mogelijk versterkt te worden en militaire eisen worden nog besproken. Andere kosten, zoals voor hogere doorgangen en vaarwegen, zijn nog niet volledig geraamd.

Vlak voor begrotingsdebat geen verdeling

Uit onderzoek van Het Bericht blijkt dat de nieuwe antwoorden geen verdere kostenafspraak bekendmaken dan de begrotingsbrief van 16 oktober. Daarin stond al dat de Kamer vóór de begrotingsbehandeling om informatie over een bijdrage van Defensie had gevraagd. Het kabinet plande overleg voor eind oktober en kondigde aan de uitkomsten te melden in een brief vóór het infrastructuuroverleg in december.

De begroting wordt op 28 en 29 oktober behandeld. In de nieuwe antwoorden staat opnieuw dat de ministeries gesprekken voeren en de Kamer informeren wanneer die concrete afspraken opleveren. Een bedrag of verdeelsleutel wordt niet genoemd.

De eerder aangekondigde 18 miljard euro voor onderhoud en vernieuwing is een breder pakket tot en met 2041. Het komt uit extra middelen en verschuivingen binnen de infrastructuurbegrotingen. De herverdeling bevat daarnaast 197 miljoen euro om het spoor en het Europese vervoersnetwerk minder kwetsbaar te maken. Dat is geen uitgewerkte financiering van alle aanvullende militaire eisen.

Dezelfde schaarse ruimte

De Rekenkamer waarschuwt dat voorrang voor militaire investeringen andere projecten kan verdringen. Daarbij noemt zij onder meer bereikbaarheid en woningbouw. Het tekort aan onderhoud raakt gewone weggebruikers al, zoals bij de betonnen Houtribbruggen waar gepland onderhoud bleef liggen.

Militaire transporten bereiken hun bestemming nu vrijwel altijd. Bij grote aantallen verplaatsingen kunnen omrijroutes en beperkingen op het spoor volgens de Rekenkamer wel veel hinder voor ander verkeer veroorzaken. De keuze gaat daardoor niet alleen over wat het leger nodig heeft, maar ook over welke verbindingen voor reizigers en vervoerders beschikbaar blijven. Over de verdeling van de aanvullende rekening geeft het kabinet nog geen uitsluitsel.