Het UBO-register legt vast wie uiteindelijk eigenaar is van een organisatie of daar de zeggenschap heeft. Het moet voorkomen dat organisaties worden misbruikt voor witwassen en terrorismefinanciering. Ook stichtingen en veel verenigingen moeten mensen inschrijven. Vrijwilligers die dat nog niet hebben geregeld, kunnen een waarschuwingsbrief krijgen. Daarin staat een termijn van drie weken om de inschrijving alsnog in orde te maken.
Minister van Financiën Eelco Heinen wijst een algemene pauze in het optreden tegen ontbrekende inschrijvingen af. Hij belooft wel dat een goedwillende organisatie geen sanctie krijgt als zij binnen de brieftermijn registreert óf aangeeft hulp nodig te hebben. Dat schrijft hij aan SGP-Kamerlid André Flach, die aandacht vraagt voor oudere vrijwilligers en besturen die moeite hebben met de verplichtingen.
Bij uitstel staat een hard nee
Uit onderzoek van Het Bericht blijkt dat de eigen publieksuitleg van de Dienst Financieel-Economische Integriteit, de uitvoeringsdienst van Financiën, die toezegging niet vermeldt. Bij de vraag of uitstel mogelijk is, staat: ‘Uitstel is niet meer mogelijk, ook niet als u contact met ons opneemt.’ De dienst verwijst daarbij naar de oude inschrijfdeadline van 27 maart 2022.
Onderaan dezelfde pagina staat wel een oproep om contact op te nemen als inschrijven binnen drie weken niet lukt. Dat zo'n tijdige hulpvraag volgens de minister voor een goedwillende organisatie betekent dat geen sanctie volgt, staat er niet bij.
De inschrijfplicht blijft bestaan. Heinens toezegging gaat over het uitblijven van een sanctie bij een tijdige hulpvraag, niet over het schrappen van die plicht. Voor een vrijwilligersbestuur dat de brief probeert te begrijpen, maakt dat verschil uit: het kan hulp nodig hebben zonder de regels te willen ontwijken.
De Kamer van Koophandel maakt nog een ander praktisch onderscheid. De opgave moet binnen drie weken zijn verstuurd; de KVK hoeft haar binnen die termijn nog niet verwerkt te hebben. Een bestuur hoeft dus niet ook de verwerkingstijd van de overheid op te vangen.
De bestuurders staan er vaak al
Bij een stichting zonder afzonderlijk aanwijsbare belanghebbende moeten alle statutaire bestuurders als zogeheten pseudo-UBO worden ingeschreven. Dat betekent niet dat zij eigenaar zijn: zij worden geregistreerd omdat zij bestuurder zijn. De KVK legt dat in haar bestaande uitleg ook zo uit.
Diezelfde bestuurders staan al in het Handelsregister. Toch moeten zij apart voor het UBO-register worden opgegeven. De uitvoeringsdienst bevestigt dat dit een zelfstandige verplichting is. Het werk voor een vrijwilligersbestuur zit daarmee niet alleen in het bijhouden wie er bestuurt, maar ook in een tweede registratie.
De dienst biedt al uitleg, een flyer bij de brief en contact per telefoon, e-mail of post. De ontbrekende belofte gaat dus niet over de vraag óf een bestuur om hulp mag vragen, maar over wat zo'n tijdige hulpvraag betekent voor het risico op een sanctie.
Duidelijker uitleg was al beloofd
Heinen werkt met de KVK en andere betrokken diensten aan een handleiding om uit te leggen wie verenigingen en stichtingen moeten inschrijven. Die handleiding werd in december 2025 al aangekondigd en is volgens de nieuwe antwoorden nog in de maak.
De ambtelijke nota bij de antwoorden vermeldt bovendien dat de registratieplicht voor verenigingen en stichtingen ook onder de komende Europese regels blijft bestaan. De waarschuwingsbrieven zijn in september verstuurd; een datum waarop de handleiding beschikbaar komt, geeft de minister niet.
