De Europese Unie onderhandelt met de Verenigde Arabische Emiraten over lagere invoerheffingen en makkelijker toegang tot elkaars markten. Ministers Tom Berendsen van Buitenlandse Zaken en Sjoerd Sjoerdsma van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking willen de gesprekken niet stilleggen. Christine Teunissen van de Partij voor de Dieren had daarom gevraagd vanwege de buitenlandse steun aan strijdende partijen in Soedan.
Volgens de ministers zou een onderbreking Europese en Nederlandse belangen schaden. Ook zou zij het moeilijker maken om met de Emiraten over Soedan te spreken. Een handelsakkoord moet de band juist versterken en daarmee meer ruimte voor zulke gesprekken geven.
Wapens en strijders via internationale netwerken
De kritiek op de Emiraten rust op een uitvoerig onderzoek van een onafhankelijke VN-missie. In haar rapport van september beschrijft die hoe bedrijven, tussenpersonen en rekruteerders vanuit onder meer de Emiraten de Rapid Support Forces (RSF) ondersteunen. Die gewapende groep vecht sinds 2023 tegen het Soedanese leger.
De onderzoekers vergeleken getuigenverklaringen met onder meer beeldmateriaal en documenten. Zij vonden voldoende aanwijzingen voor netwerken die wapens, vervoer, training en buitenlandse strijders leveren. Volgens de missie spelen personen en bedrijven die vanuit de Emiraten opereren daarin een belangrijke rol. De Emiraten ontkennen zowel eigen steun aan de RSF als betrokkenheid van bedrijven onder hun gezag.
De gevolgen reiken verder dan het slagveld. In El Obeid ontregelden aanvallen op stroomvoorzieningen en brandstof ook de watervoorziening en ziekenhuiszorg. Volgens het VN-rapport hielden ziekenhuizen moeilijk zuurstof, nierdialyse en spoedoperaties op gang. De missie beschrijft ernstige schendingen door zowel de RSF als het Soedanese leger.
Meer handel als middel voor invloed
Het kabinet erkent dat buitenlandse steun de oorlog verlengt. Toch kiest het ervoor de handelsgesprekken niet als drukmiddel stil te leggen. In een toekomstig akkoord wil het afspraken over de naleving van internationaal recht opnemen. Daarmee verwijst het naar voorwaarden voor later; de gesprekken kunnen intussen doorgaan.
Dat is een politieke keuze over de inzet van Europese economische invloed. Bedrijven moeten door het akkoord makkelijker zaken kunnen doen. Voor Soedanese gezinnen telt of de aanvoer van wapens en strijders daadwerkelijk stopt. Het kabinet verwacht dat een hechtere handelsband daarbij helpt, maar noemt in de antwoorden geen concrete verbetering waaraan het die verwachting wil toetsen. Ook legt het niet vast wanneer aanhoudende steun vanuit de Emiraten wél gevolgen voor de onderhandelingen zou krijgen.
Wel sancties tegen de oorlogseconomie
Op andere terreinen zet Europa wel economische druk. Sinds juli gelden Europese sancties tegen de handel in Soedanees goud, een inkomstenbron voor de oorlog. Nederland pleit daarnaast voor sancties tegen meer personen en organisaties die het conflict voeden en voor uitbreiding van het VN-wapenembargo van Darfur naar heel Soedan.
