NS Stations weigerde een campagne van Wakker Dier die reizigers vroeg om op Dierendag, 4 oktober, geen dieren te eten. De boodschap zou publiek debat kunnen oproepen. Maar politieke partijen mochten op dezelfde stations wel mensen oproepen op hen te stemmen. De rechter vond dat NS het verschil onvoldoende had uitgelegd en dwong toelating van de campagne af.

Minister van Financiën Eelco Heinen ziet nu geen aanleiding om hierover apart met het NS-bestuur te spreken. Dat schrijft hij op 13 oktober aan PvdD-Kamerlid Christine Teunissen. De Staat is de enige aandeelhouder van NS, maar Heinen laat het advertentiebeleid bij het bestuur. De uitspraak is uitgevoerd: volgens de begeleidende notitie van zijn ministerie zijn de advertenties op 4 oktober alsnog op de stations verschenen.

Een prikkelende boodschap is niet genoeg om te weigeren

De rechtbank in Utrecht besliste op 23 september in een spoedprocedure dat NS Stations de weigering moest intrekken en de campagne in de week van 28 september tot en met 4 oktober moest laten verspreiden. De schriftelijke motivering, op 6 oktober aan partijen verstrekt, laat zien waarom de weigering niet standhield.

NS Stations beriep zich op het eigendom van de reclameborden en de vrijheid zelf te kiezen met wie het zaken doet. Het wilde niet met directe maatschappelijke of politieke standpunten worden geassocieerd. De rechter woog dat belang af tegen de vrijheid van meningsuiting van Wakker Dier en oordeelde in dit kort geding dat de weigering onrechtmatig was.

Het probleem zat onder meer in de toepassing van het eigen criterium. NS had eerder andere oproepen toegelaten die ook discussie konden veroorzaken. Naast partijcampagnes noemt het vonnis een campagne die mensen aanspoorde koeienvlees te vervangen door kikkererwten. NS bevestigde ter zitting dat alle politieke partijen hun stemoproepen op de stationsborden mogen tonen.

De rechter zag niet waarom de uitingen van Wakker Dier méér publiek debat zouden oproepen. De posters bevatten ook geen schokkende beelden van de verwerking van dieren in de vleesindustrie. Dat een oproep licht kan prikkelen, gaf NS hier geen voldoende reden om haar te weren.

Stations zijn meer dan een eigen reclamebord

Het vonnis legt extra gewicht bij de positie van NS Stations. Het bedrijf heeft volgens de rechter een monopolie op de reclamedragers op NS-stations. Het landelijke bereik is binnen de buitenreclame uniek. Door dat bereik en het publieke karakter van de stations moet het zorgvuldiger met potentiële adverteerders omgaan dan het hier deed.

De rechter verplicht NS daarmee niet iedere advertentie toe te laten. In deze zaak ontbrak een voldoende rechtvaardiging voor het verschil tussen de geweigerde boodschap en vergelijkbare toegelaten oproepen. Eigendom alleen gaf NS geen vrijbrief om willekeurig te kiezen.

Dat raakt een publiek belang dat verder gaat dan de voorkeur voor vlees of vegetarisch eten. Een bedrijf dat zo'n toegang tot reizigers beheert, bepaalt mede welke maatschappelijke oproepen zij op stations tegenkomen. Als debat op zichzelf een reden wordt om een boodschap te weren, kunnen juist organisaties met beperkte middelen hun campagnes gaan afzwakken. De rechter noemt dat risico ook: Wakker Dier zou een volgende oproep minder scherp kunnen maken om een nieuwe weigering te voorkomen.

De aandeelhouder houdt afstand

Heinen schrijft dat NS te goeder trouw binnen het bestaande beleid een afweging maakte en rechterlijke uitspraken bij toekomstige beslissingen zal betrekken. Over de vraag waarom vleesreclame wel zou mogen, geeft hij geen concreet antwoord. Hij verwijst naar afspraken met de reclame-exploitant en naar de afweging van NS of iedereen zich welkom voelt.

Het ministerie verwacht van staatsbedrijven een voorbeeldrol bij maatschappelijk verantwoord ondernemen, staat in de beslisnota. Dat omvat meer dan winst maken: een onderneming moet ook rekening houden met haar maatschappelijke verantwoordelijkheid. In dit dossier kiest Heinen ervoor die verantwoordelijkheid via het bestuur en de al uitgevoerde rechterlijke correctie te laten lopen.

Omdat NS heeft toegezegd de uitspraak na te leven, ziet hij als aandeelhouder geen reden voor een apart gesprek over deze beslissing. Een concrete wijziging van de regels waarmee NS toekomstige campagnes beoordeelt, noemt hij niet.