Het kabinet wijst een voorstel af om medische spullen van Nederlandse ziekenhuizen op één plek te verzamelen voor Oekraïne. Minister Sjoerd Sjoerdsma van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking vindt zo'n inzamelpunt dubbelop: de Europese Unie stemt hulpaanbiedingen al af op wat Oekraïne nodig heeft. Hij antwoordt daarmee op vragen van Laurens Dassen (Volt) en Michelle Jagtenberg (D66).

De Kamerleden willen het ziekenhuizen gemakkelijker maken om apparatuur en andere medische spullen te doneren die zij niet meer gebruiken. Sjoerdsma verwijst naar het Europese systeem voor noodhulp. Daarin worden verzoeken uit Oekraïne gekoppeld aan aanbiedingen van andere landen. Het Nationaal Crisiscentrum stemt de Nederlandse bijdragen af met de betrokken ministeries.

De spullen moeten nog naar Polen

Uit onderzoek van Het Bericht blijkt dat de Europese donatieroute voor bedrijven en publieke instellingen ook een vervoersstap van de donor vraagt. De Europese Commissie beschrijft hoe dat werkt: eerst wordt gecontroleerd of het aanbod past bij de Oekraïense hulpvraag. Na aanvaarding van de donatie brengt de donor de goederen naar een inzamelcentrum in Polen. Daar volgen opslag en kwaliteitscontrole. Vanaf dat centrum regelt en betaalt de EU de levering aan Oekraïne.

De Commissie biedt ook advies over vervoer en contact met de ontvangers. Toch is deze procedure iets anders dan een Nederlands inzamelpunt waar een ziekenhuis zijn spullen kan laten verzamelen. Het kabinetsantwoord beschrijft niet hoe ziekenhuizen het vervoer naar Polen kunnen organiseren of welke ondersteuning zij daarbij in Nederland kunnen krijgen.

Dat onderscheid raakt de zorg voor mensen in Oekraïne. Voor een geslaagde donatie zijn zowel een ziekenhuis dat de apparatuur nodig heeft als mensen, geld en vervoer aan de Nederlandse kant nodig. Europese afstemming moet overlap tussen hulpaanbiedingen voorkomen. Zij neemt het werk om een geaccepteerde donatie bij het Poolse centrum te krijgen niet vanzelf over.

Niet elk ongebruikt apparaat is bruikbare hulp

Het kabinet noemt ook bezwaren tegen een landelijk inzamelpunt. Nederlandse zorginstellingen hebben volgens Sjoerdsma beperkte opslagruimte en moeten hun eigen voorraad op peil houden. Hij waarschuwt voor het doorschuiven van bijna verlopen middelen en voor problemen met de veiligheid en herkomst van gebruikte apparatuur. Een inzamelpunt veronderstelt volgens hem bovendien een groot overschot, terwijl de markt van medische apparatuur en hulpmiddelen zeer uiteenloopt.

Voor Oekraïense patiënten telt of een donatie aansluit bij wat hun zorgverleners nodig hebben en veilig gebruikt kan worden. De Europese route toetst die aansluiting en voorziet in kwaliteitscontrole. De keuze gaat dus over de manier waarop bruikbare hulp wordt verzameld en geleverd, met behoud van die controles.

Nederland levert intussen wel medische steun. Volgens het antwoord draagt het in 2026, naast humanitaire hulp, 20 miljoen euro bij aan de Oekraïense gezondheidszorg. Daarvan gaat 10,3 miljoen euro naar het noodverzoek van de Wereldgezondheidsorganisatie. Ook steunt Nederland onder meer de levering van scanners, patiëntmonitoren en mobiele röntgenapparatuur en projecten die ziekenhuizen bij stroomuitval laten doorwerken.

Hoeveel bruikbare apparatuur Nederlandse ziekenhuizen nog kunnen missen en wat er nodig is om die te doneren, wordt in het antwoord niet in kaart gebracht. Een nieuw landelijk inzamelpunt komt er niet.