Jongeren in jeugdgevangenissen missen onderwijs, behandeling en gezamenlijke activiteiten door een tekort aan begeleiders. Tegelijk vertrekken bij de jeugdgevangenissen van het Rijk dit jaar meer medewerkers dan er bijkomen. De gepubliceerde cijfers voor 2026 vermelden 94 nieuwe medewerkers en 111 vertrekkers. Op 8 oktober stonden ongeveer 130 vacatures open, vooral voor begeleiders en groepsleiders.
Die cijfers van staatssecretaris Claudia van Bruggen (Justitie en Veiligheid, D66) betekenen per saldo 17 vertrokken medewerkers. Ze gaan alleen over de rijksinrichtingen. Voor de particuliere jeugdgevangenissen geeft zij geen vergelijkbaar cijferoverzicht. Van Bruggen erkent dat jongeren door het personeelsgebrek geregeld niet krijgen wat de wet hun voorschrijft.
Een tijdelijke ingreep die bleef
Uit onderzoek van Het Bericht blijkt dat de lagere ondergrens voor gezamenlijke activiteiten al in 2023 als tijdelijke noodmaatregel gold. De inspecties waarschuwden toen dat die geen structurele oplossing mocht worden. Nu geeft het kabinet opnieuw aan dat zelfs die verlaagde ondergrens in sommige jeugdgevangenissen geregeld niet wordt gehaald. De nieuwe personeelscijfers laten zien waarom alleen meer mensen werven niet volstaat: in de rijksinrichtingen is de uitstroom dit jaar groter dan de instroom.
Wettelijk horen jongeren minstens 77 uur per week aan gezamenlijke activiteiten mee te doen. Het ministerie liet dat aantal bij personeelsgebrek terugbrengen naar 62 uur. Daarmee leverden jongeren in het noodprogramma al 15 uur per week in. Als ook de 62 uur niet wordt gehaald, moeten zij nog langer op hun kamer blijven.
Het gaat daarbij om meer dan vrije tijd. Scholing, behandeling en contact met anderen moeten jongeren helpen om na hun detentie hun leven weer op te pakken. De overheid sluit hen op en draagt daardoor ook de verantwoordelijkheid dat die begeleiding beschikbaar is. Een tekort aan personeel komt nu rechtstreeks terecht bij jongeren die hun gemiste les of behandeling niet zelf elders kunnen regelen.
Meer sollicitaties zijn nog geen gevulde teams
DJI, de dienst die de gevangenissen beheert, heeft de werving uitgebreid met campagnes, bijeenkomsten en een snellere selectieprocedure. Volgens Van Bruggen trekt dat meer sollicitanten. Ook investeert de dienst in leidinggevenden, opleidingen en ondersteuning om werknemers te behouden.
De werkvloer blijft ondertussen onder druk staan. De inspecties beschrijven in hun brief van september hoe begeleiders geregeld naar een andere groep moeten, waar zij de jongeren minder goed kennen. Overdracht en overleg schieten erbij in. Jongeren krijgen soms pas laat te horen dat een activiteit vervalt en zij op hun kamer moeten blijven. Dat zorgt volgens de inspecties voor frustratie en onrust.
Het tekort groeit ook doordat jeugdgevangenissen minder zelfstandigen inhuren en er meer plaatsen nodig zijn. Van Bruggen wijst daarnaast op ziekteverzuim, verloop en de krappe arbeidsmarkt. Vaste teams kunnen wel meer rust bieden: de inspecties beschreven in 2025 dat jongeren en personeel in De Hartelborgt het positief vonden dat daar vaste medewerkers op de groepen stonden. In 2025 kwam bij de rijksinrichtingen over het hele jaar nog meer personeel binnen dan er vertrok. De nu gemelde cijfers voor 2026 wijzen de andere kant op.
Ook verdere versobering wordt onderzocht
De staatssecretaris belooft voor het einde van het jaar duidelijkheid over noodmaatregelen. In haar brief van 2 oktober noemt zij ook verdere tijdelijke beperkingen van het dagprogramma voor jongeren die kort in een jeugdgevangenis zitten. Tegelijk onderzoekt DJI wat jongeren op hun kamer aan zinvolle activiteiten kan worden aangeboden.
Een bredere herziening van de jeugdgevangenissen, inclusief het onderwijs, moet in het eerste kwartaal van 2027 worden gepresenteerd. Dat is de planning voor de voorstellen, niet de datum waarop de tekorten zijn opgelost. De nieuwe antwoorden aan Don Ceder (ChristenUnie) bevatten geen datum waarop alle jongeren weer het wettelijk voorgeschreven aanbod krijgen.
