Extra publiek toezicht op bedrijven die na een asbestsanering controleren of een locatie weer veilig is, is nog niet uitgewerkt. Het kabinet heeft niet besloten hoe dat toezicht moet worden ingericht. Eerst krijgen nieuwe asbestregels voorrang; daarna wordt de aanvullende controle bekeken.
Dat blijkt uit antwoorden van staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat Annet Bertram, ontvangen op 24 september en gepubliceerd op 8 oktober. Aanleiding is achtergebleven asbest na een brand en sanering in Bergen op Zoom. PVV-Kamerleden Maikel Boon en Erwin Prickaertz vroegen of het toezicht moet worden aangescherpt.
Voor die lokale zaak ziet Bertram geen aanleiding. Maar in hetzelfde antwoord erkent zij bredere signalen over ondeugdelijke eindcontroles. De Arbeidsinspectie schatte in 2025 dat meer dan een derde van de eindinspectie-instellingen haar werk niet goed uitvoert. Dat is een oordeel over instellingen, geen telling van het aandeel saneringen dat verkeerd is afgelopen.
De eindcontrole moet mensen beschermen
Na het verwijderen van asbest bepaalt een afzonderlijke eindinspectie of het werkgebied kan worden vrijgegeven. Bouwvakkers kunnen dan verder werken; bewoners moeten erop kunnen vertrouwen dat zij de ruimte weer veilig kunnen gebruiken. Een onterechte vrijgave haalt precies die bescherming onderuit.
Het inspectiesignaal van 2025 beschrijft zes recente situaties met minstens acht eindinspectie-instellingen, op een totaal van 21 geaccrediteerde instellingen. In één renovatieproject bleken na tientallen goedgekeurde eindinspecties nog asbestresten aanwezig. Een groot deel van het complex moest opnieuw worden gesaneerd, met bijna een jaar vertraging.
Een andere zaak ging over meetapparatuur die al onderweg in een bus was aangezet. Zo leek de meting langer te hebben geduurd dan zij op de locatie had gedaan. Volgens de Arbeidsinspectie bekende de controleur dat hij had gelogen over zijn aankomsttijd, uit angst zijn baan te verliezen.
Ook de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant trok aan de bel. Tussen mei 2024 en januari 2025 constateerde zij in bijna twintig gevallen asbestresten nadat een eindinspectie de locatie had goedgekeurd. Het kabinet kan niet aangeven hoe vaak dit landelijk gebeurt of hoeveel locaties nog niet volledig zijn gesaneerd.
Wie controleert de controleur?
Een saneerder kiest in de praktijk vaak het bedrijf dat zijn werk beoordeelt. De Arbeidsinspectie wijst op het risico dat een soepel controlerend bedrijf aantrekkelijk wordt als vaste zakenpartner. Korter meten bespaart tijd en maakt meer opdrachten per dag mogelijk. Het commerciële voordeel ligt dan bij de bedrijven; werknemers en bewoners zijn afhankelijk van de betrouwbaarheid van het oordeel.
Er bestaan eisen aan onafhankelijkheid en vakbekwaamheid. De Raad voor Accreditatie controleert inspectie-instellingen met dossieronderzoek en door inspecties bij te wonen. Dat is echter een ander instrument dan publiek toezicht waarmee een overheid de eindbeoordelaar rechtstreeks op overtredingen kan aanspreken. Juist die aanvulling is nog niet gekozen.
In december 2025 beschreef het kabinet al hoe nieuwe wetgeving ruimte moest geven voor verplichtingen aan eindbeoordelaars en publiek toezicht daarop. Andere opties uit het inspectiesignaal, zoals onafhankelijke toewijzing van de controleur of eindinspecties als publieke taak, vond het toen minder voor de hand liggen vanwege de ingreep in de marktwerking.
Ruim negen maanden later is de keuze nog open. In de nieuwe antwoorden zegt het kabinet dat de aanvullende bepalingen niet in het wijzigingsbesluit zijn opgenomen, omdat een snelle invoering van de Europese asbestregels prioriteit kreeg. Na invoering van de gewijzigde regels wordt bekeken hoe de kwaliteit van de eindbeoordelingen en het toezicht kunnen worden verbeterd.
Bergen op Zoom krijgt geen zelfstandig rijksoordeel
Bij de sanering in Bergen op Zoom is de beoordeling betwist. Streekomroep ZuidWest berichtte op 7 augustus over een gezin dat na de brand wordt geconfronteerd met saneringskosten, terwijl er nog asbest op het terrein ligt. De gemeente vindt dat zij publiek geld moet kunnen terughalen bij de eigenaar.
De omgevingsdienst liet het ministerie weten dat de saneringen en vrijgaven volgens de voorschriften waren uitgevoerd. Restanten konden volgens de dienst later zichtbaar worden door weersomstandigheden. In maart 2026 werden asbesthoudende schilfers op het terrein aangetroffen. Volgens de gemeente waren omliggende percelen en openbare ruimten niet besmet.
Bertram geeft geen zelfstandig oordeel over de uitvoering. De gemeente en de omgevingsdienst moeten bepalen of verdere maatregelen nodig zijn. De Arbeidsinspectie was niet bij deze sanering betrokken. Het ontbreken van door haar geconstateerde overtredingen komt dus niet uit een controle van deze zaak.
Het concrete gezondheidsrisico hangt af van het vrijkomen en inademen van vezels. Maar een vrijgave die niet klopt, ontneemt bewoners en werknemers de mogelijkheid daarop te vertrouwen. Voor de extra publieke controle op de bedrijven die zulke oordelen afgeven, noemt het kabinet geen concrete invoeringsdatum.
